Kerk verdwijnt niet , maar krijgt doorstartpagina 1
Kerk of organisatie: Org.Nederland
thema: Kerkopbouw
link:http://www.kerkpleinamersfoort.nl/modules.php?name=Print&file=article&sid=19256
datum van plaatsing: 16-10-2017
Kerk verdwijnt niet , maar krijgt doorstart


Elke week gaat ergens in Nederland een kerkgebouw dicht. Toch sterft de kerk niet uit, maar gaat vaak in een andere vorm verder. Net zoals een failliet bedrijf een doorstart kan maken, aldus de Tilburgse socioloog en theoloog dr. Kees de Groot.

Hij presenteerde vorige week in Tilburg een boek onder de titel van ”The Liquidation of the Church” (Routhledge, London/New York), een uitgebreide studie naar nieuwe vormen van religie en kerk-zijn in de moderne samenleving. De Groot laat zien hoe religie verandert in een seculiere context, los van de bestaande kerkelijke instituten en tradities.

De titel kan verwarringen oproepen. Letterlijk vertaald betekent zij immers: ”de liquidatie van de kerk”, maar de kerk wordt niet om zeep geholpen, zoals een crimineel „geliquideerd” wordt op straat. Het gaat De Groot om liquidatie in bedrijfseconomische zin. De Groot: „Ik heb mij gericht op de liquidatie van bedrijven, waar bedrijven sluiten en in andere vorm hun liquiditeit voortgezet wordt. Exact datzelfde gebeurt met de kerken. Kerken verdwijnen enerzijds, maar gaan in een heel andere vorm weer verder.”

De Groot verwijst onder meer naar het faillissement van warenhuis V&D, waar sindsdien sommige restaurants van La Place een herstart hebben gekregen. „Kerkgebouwen worden herbestemd en de inboedel zie je terug in café’s. Ik zie dat als tekenen van een breder proces.”

Vloeibaar worden 

In de titel van het boek klinkt een metafoor door van filosoof Zygmunt Bauman (1925-2017). Deze beschrijft de hedendaagse verandering van moderne samenlevingen als een overgang van solide moderniteit naar vloeibare moderniteit. De Engelse term ”liquidation” is dan ook te vertalen met vloeibaar worden. Anders gezegd: de kerk wordt steeds ‘vloeibaarder’ en is steeds minder afhankelijk van instituten, van parochies en gemeenten, met hun vaste patronen van lidmaatschap en hun inzet op conformiteit en loyaliteit.

De Groot stelt vast dat het overheersende kerkbegrip in de grootste kerken in Nederland, de Rooms-Katholieke Kerk en de Protestantse Kerk in Nederland, nog steeds gericht is op een ordelijk georganiseerde plaatselijke gemeente. „Je hoort erbij of je hoort er niet bij, en als je erbij hoort, dien je je plaats te kennen, procedures te volgen en je te vervoegen bij de juiste instanties. Katholieke theologie is gesystematiseerd in lijstjes die het onderzoeksinstituut Kaski vervolgens kan gebruiken als checklist voor orthodoxie.”

De Tilburgse theoloog toont het proces van liquidatie aan op het gebied van mediapastoraat, spirituele centra en de geestelijke verzorging – alle drie kerkelijke initiatieven die de wereld opzoeken. „Zodra het solide bouwsel verlaten wordt, is moeilijk in de hand te houden hoe godsdienstigheid wordt vormgegeven.”

Zo komt De Groot tot „een ander verhaal” dan het gebruikelijke verhaal over het einde van het tijdperk waarin God en de kerk nog wat voorstelden in Nederland, of dat einde van de kerk nu wordt betreurd of bejubeld.

volgende pagina