TERUG
Kerkopbouw
Promotieonderzoek naar gemeenteopbouw in nieuwbouwwijken
Amersfoort Noord (PKN)

Promotieonderzoek naar gemeenteopbouw in nieuwbouwwijken Amersfoort - Waar de kerk in een nieuwbouwwijk als sociale beweging begint, krijgen toch hoe langer hoe meer de wensen van kerkmensen de overhand. Nieuwe vormen verworden dan al snel tot een traditionele gemeente. Dat concludeert Gert de Jong in zijn promotie over gemeente-opbouw in Amersfoort-Noord.

Door Hanneke Goudappel.
In Amersfoort-Noord is sinds de jaren tachtig veel nieuwbouw verrezen. De Protestantse Gemeente Hoogland - toen nog een dorp vlak buiten Amersfoort - wilde iets in de nieuwbouwwijken betekenen. ,,Het idee was in de nieuwe wijken een vorm van kerkzijn op te zetten. Heel bewust werd gezegd: er moeten geen kerkgebouwen komen, het moet ánders”, vertelt Gert de Jong. Er kwam echter wél een kerkgebouw voor de oecumenische gemeente van protestanten en rooms-katholieken in de Amersfoortse nieuwbouwwijk Kattenbroek. ,,Slot van het verhaal is zelfs dat de kerkgemeente in de nieuwbouwwijken van Amersfoort-Noord nu de vierde kerk aan het bouwen is.”
Gisteren promoveerde De Jong aan de Radboud Universiteit in Nijmegen op zijn studie Doen alsof er niets is. Sociologische gevalsstudie over een kerkelijke gemeente als dynamische configuratie. De onderzoeker, werkzaam bij kerk- en religieonderzoeksbureau Kaski, deed zijn onderzoek vanuit sociologisch perspectief.

Geen kerkgebouw

De kerk was er heel stellig in dat ze in de nieuwbouwwijk geen kerkgebouw wilde, aldus De Jong. ,,Zelfs toen de burgerlijke gemeente vroeg: ‘Willen jullie ook niet een stuk grond in de wijk?’, antwoordde de gemeente: ‘Nee, wij gaan het echt zonder gebouw doen’. Achterliggende gedachte voor die keuze was: er komt een nieuwe wijk, met nieuwe mensen die in een nieuwe tijd leven, daarom gaan we het opbouwwerk op een nieuwe manier vormgeven. Bovendien was de kerk zich bewust van de secularisatie en haar motto was: een kerkgebouw bouw je voor leegstand.”
De missie van de gemeente was om sociale verbanden in de nieuwe wijk te creëren, betrokkenheid en gemeenschap. ,,Omzien naar elkaar, was het motto.” Mensen die in de wijk kwamen wonen, werden welkom geheten, en er werden ontmoetingsavonden belegd waarop de bewoners werd gevraagd: Wat zou de kerk nu moeten betekenen voor de wijk? ,,In de praktijk kwamen echter alleen kerkmensen meepraten. En op de vraag ‘wat willen jullie?’, antwoordden ze: ‘Doe ons maar een kerkgebouw en kerkdiensten’.” En dat gebeurde: kerkgebouw Het Brandpunt kwam er.
De ontwikkelingen van wijkgemeente Het Brandpunt staan centraal in De Jongs onderzoek. De Jong nam daarnaast in zijn onderzoek de ontwikkelingen mee rond de bouw van nog twee kerkgebouwen in nieuwbouwwijken in Amersfoort-Noord. In de nieuwbouwwijk Nieuwland werd al snel besloten dat er een ‘kerkhuis’, een kerkgebouw als een soort ‘herberg’ nodig was. En bij gemeentevorming in nieuwbouwwijk Vathorst is metéén besloten: er moet een kerkgebouw komen (de Veenkerk). ,,Ook in deze wijkgemeenten zijn gedreven mensen begonnen vanuit het idee dat ze een opdracht voor de wijk hadden. Vervolgens komen er mensen die toch wel graag kerkdiensten willen. En voor je het weet is ook hier sprake van traditioneel gemeente-zijn.”

Omslag

,,Van per se geen kerk in de nieuwbouwwijk, komt men uit bij het idee dat het noodzakelijk is om wél kerkgebouwen neer te zetten”, zegt De Jong. ,,Een noodzakelijkheid die voornamelijk gevoeld wordt door de geloofsgemeenschap, die traditionelere opvattingen heeft over kerkzijn dan bijvoorbeeld de toenmalige voorgangers en/of bestuurders van de kerk, de pioniers die de plannen maakten.”
Er is duidelijk sprake van het bijstellen van doelen, concludeert De Jong. ,,Waar de kerk als sociale beweging begint voor de wíjk, gaat toch hoe langer hoe meer de gemeenschap zelf haar stempel drukken op de gemeenteopbouw. Het resultaat is uiteindelijk toch weer een traditionele gemeente. Niet traditioneel in de zin van ouderwets, maar in de zin van dat ze de structuur heeft aangenomen die alle kerkelijke gemeenten hebben; met kerkgebouw, kerkdiensten en een kerkenraad.”
De Jong probeert in de laatste hoofdstukken van zijn studie de ontwikkelingen in Amersfoort-Noord te duiden. ,,Het is natuurlijk mooi om bij het opbouwwerk bij de bewoners te beginnen en hen te vragen wat ze willen. ‘Zo zit onze tijd in elkaar’, menen de professionals die bij de initiatieven betrokken waren. Maar schuif je je verantwoordelijkheid voor het opbouwwerk daarmee niet door naar de bewoners? Want als je het aan hen vraagt - en alleen de kerkmensen komen opdagen - vragen ze naar de bekende weg: kerkgebouw en kerkdiensten. Anderen reageren helemaal niet of haken af.”
De initiatieven in alle drie de gestichte wijkgemeenten in Amersfoort-Noord vervielen daardoor uiteindelijk in wat de kerkelijk betrokken kring verlangde, stelt De Jong. ,,Misschien moet je in een wijk niet zo vrijblijvend van onderop beginnen”, is zijn advies aan kerkelijke initiatieven in nieuwbouwwijken. Hij heeft het idee dat het weinig tot niet gebeurt in kerkelijk Nederland dat initiatieven experimenteel blíjven. ,,Zet eens echt een experiment op, en blijf bij je doelstelling. Want dát was de oorspronkelijke bedoeling: gemeenteopbouw op een nieuwe manier oppakken. Nu weten we nóg niet of er andere vormen van gemeentezijn bestaan, want die vormen zijn in Amersfoort-Noord langzamerhand verdampt.”

Beleidsplannen

Tweede punt dat De Jong voor het voetlicht wil brengen heeft te maken met de organisatie van de gemeenten in de nieuwbouwwijken. ,,Heel veel energie zit in het opstellen van visies en beleidsnota’s. Dat zie je overal in de Protestantse Kerk gebeuren. Er wordt een hoop energie in beleid gestopt. De vraag is hoe het met het rendement daarvan zit. In Amersfoort zie ik echter dat het beleid niet de gewenste uitwerking krijgt. Er wordt niet naar gehandeld, de concrete aanpak blijft liggen.”
i Gert de Jong. ‘Doen alsof er niets is. Sociologische gevalsstudie over een kerkelijke gemeente als dynamische configuratie’. 254 pagina’s. Voor 10 euro te bestellen bij gertdejong@ru.nl.

Gert de Jong

Gert de Jong (Koudekerk aan den Rijn, 1961) studeerde theologie aan de Theologische Universiteit Kampen, waar hij na zijn afstuderen in 1993 werkte als wetenschappelijk projectmedewerker. Tussen 1993 en 2000 was De Jong daarnaast missionair toeruster van de Gereformeerde Kerk in Zwolle. Sinds 2001 is hij als onderzoeker verbonden aan het Kaski, bureau voor onderzoek en advies naar religie en samenleving. Promotor was prof. dr. F. Huijgen, copromotor dr. J. Jonker.
 
 
 

bron: Friesch Dagblad uitgave: 14 nov 2008
bericht nr. 8286 :  geplaatst op 15-11-2008 en 970 maal gelezen


Geen gerelateerde berichten
Opties
Deel dit bericht met uw vrienden op sociale media

    Facebook   Bericht afdrukken  Bericht afdrukken