TERUG
Bijbel (studie)
Inez van Oord: 'Het stapje naar de Bijbel is ineens lef'
Org.Amersfoort
Happinez-oprichter Inez van Oord besloot de Bijbel, waar ze mee opgevoed was, weer te gaan lezen. Mensen die dat hoorden zeiden: ‘Je hebt wel lef.’


Inez van Oord: ‘Er zijn verschillende wegen naar de top, zou je denken.’ Geloof
Inez van Oord: ‘Er zijn verschillende wegen naar de top, zou je denken.’ | beeld uitgeverij kosmos / maarten Schets

‘Vind je dat niet grappig?’, vraagt Inez van Oord: ‘Iedereen kent spirituele stromingen, en vindt het interessant om zich daarin te verdiepen, maar als je een stapje maakt richting het christendom, heb je ineens lef.’ Wat daar achter zit? ‘Ik denk dat mensen uit de christelijke hoek nog niet zo veel op hebben met het nieuwe spirituele, en dat is kennelijk wederzijds. Dit boek zou een brug kunnen zijn.’

Dit boek is Rebible (Uitg. Kosmos). Inez van Oord (59) groeide op met de Bijbel, deed zodra ze het huis uit ging het boek dicht. Haar broer Jos werd theoloog en dominee. Aan zijn hand waagde ze zich aan een herontdekking van de bijbelverhalen. Tot een herontdekking van het geloof leidde het niet. Wel tot een herontdekking van de bijbelverhalen. ‘Er is openheid ontstaan in mij. Ik dacht in mijn jeugd: dat boek gaat dicht, ik ga iets anders zoeken. Later bedenk je dan dat er toch wel iets meer zal zijn dan alleen maar keihard werken. Is er ook vervulling te vinden? Wijsheid? Dat is een van de redenen waarom ik het blad Happinez heb opgericht. Ik ging op zoek, overal. Ik las boeddhistische teksten, sprak wijze meesters, bestudeerde spirituele stromingen. Maar nu besef ik dat ik mijn oorsprong heb laten liggen. Vreemd eigenlijk ...’

In het boek spreekt ze negatief over de verschillende kerken en de bijbelvertalingen. ‘Allemaal met een eigen geloof. Er zijn veel verschillende wegen naar de top, zou je denken.’ Ze vergelijkt het met het beklimmen van de Mount Everest, waar bergbeklimmers struikelen over of zelfs bijna stranden in het afval dat anderen hebben achtergelaten. Is dat hoe ze naar kerken kijkt? ‘Nou ja, het is ook maar een moment dat je zulke dingen schrijft.’ Ze zoekt even naar woorden. ‘Wat wij monotheïsme noemen, lijkt wel heel massief, maar er zijn zo veel verschillende godsbeelden per kerk, zo eenduidig is het helemaal niet. Er wordt wel eens lacherig gedaan over het hindoeïsme, met zoveel goden en beelden, maar er is ook binnen het christendom heel veel diversiteit.’

exclusiviteit

Een theoloog is Van Oord niet geworden. Regelmatig moet ze in het gesprek passen op een doorvraag. De Bijbel is volgens haar slechts een van de vele wegen naar de spirituele top. Ze heeft ontdekt dat de Bijbel, althans in de verhalen die zij met haar broer bestudeerde, nergens exclusiviteit claimt. Bij teksten die dat wel claimen, zoals de verklaring van Petrus en Johannes dat er ‘onder de hemel geen andere naam aan de mensen gegeven is waardoor wij behouden moeten worden’, wil ze ver weg blijven. Ze ergert zich aan religieuze exclusiviteitsclaims. ‘Die leiden ertoe dat mensen onmiddellijk kritiek hebben. Die kreeg ik ook gelijk op mijn boek. Terwijl ik probeer openheid te vinden. Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn.’

Het tekent een merkwaardige dubbelheid in Van Oord. Ze lijkt schuw voor elke theologische stelligheid. ‘Het mooiste dat ik geleerd heb het afgelopen jaar, is dat elk woord dat we verzinnen God te klein maakt.’ Juist daarom hoef je de voorstellingen die mensen zich maken van God ook niet te veroordelen, zegt Van Oord. ‘Het zijn allemaal pogingen om ergens uit te komen, om iets te ontdekken.’

Maar ze besluit haar boek stellig. ‘Ik geloof niet dat er een God bestaat die zou willen dat wij in Hem geloven. Ik geloof sowieso niet in een God die iets wil (en dus ook iets niet wil). Stel je voor, dan krijg je echt van die ongepaste opmerkingen bij een te vroege dood of vreselijke ongelukken: het was de wil van God. Nou, echt niet. Zo’n god bestaat niet.’

Jezus

‘Het zou zomaar kunnen’, schrijft Van Oord in Rebible, ‘dat Jezus door mensen zoals ik weer begrepen gaat worden.’ Het was een verademing toen ze bij het Nieuwe Testament was aangekomen, vertelt ze. ‘Ik snap nu dat er iemand als Jezus moest komen. De grote God van het Oude Testament komt af en toe naar beneden. Meestal is Hij dan boos, dan zegt Hij: pas op hoor, want Ik zet je onder water als je niet luistert. Die verhalen zijn prachtig, en avontuurlijk, maar het mag menselijker, gewoner. In Jezus hebben we iemand die ik begrijp, gewoon een mens, die wandelt door de wereld, en die heel goede levenslessen heeft.’

De verhalen van Jezus kun je meteen snappen en toepassen, zegt Van Oord. ‘Zoals dat verhaal over een overspelige vrouw, waar Jezus zegt: wie zonder zonde is, werpe de eerste steen. Dat is een klassieker, maar het is zo waar!’

Dat geldt ook voor het in het zand schrijven van Jezus in datzelfde verhaal: ‘Als iets in het zand is opgeschreven, neemt de tijd alles mee. Dat is bijbellezen: je doet het in de tijd. Over honderd jaar zijn er weer andere woorden en interpretaties. De teksten staan voor eeuwig, die veranderen niet. Maar de manier waarop we daarmee omgaan, verandert. Mijn vader keek al heel anders naar de Bijbel dan zijn vader, en ik weer heel anders dan hij.’ <


bron: Ned Dagblad uitgave: 19 dec 2017
bericht nr. 19456 :  geplaatst op 19-12-2017 en 97 maal gelezen


Geen gerelateerde berichten
Opties
Deel dit bericht met uw vrienden op sociale media

    Facebook   Bericht afdrukken  Bericht afdrukken