TERUG
Literatuur/boeken
Anselm Grün is gelukkig omdat hij dankbaar is
Org.Nederland
Anselm Grün is gelukkig omdat hij dankbaar is
De Duitse monnik Anselm Grün (72) is al jaren een bestsellerauteur. Over de hele wereld geeft hij lezingen en staat hij mensen bij. Zijn nieuwste boek, gemaakt met schilder Ton Schulten, straalt opgewektheid uit. ‘Vreugde hoort bij het geloof.’

 
 


Op zijn negentiende besloot Anselm Grün voor een leven als monnik te kiezen. Hij sloot zich aan bij de broeders in de abdij Münsterschwarzach, tussen Frankfurt en Neurenberg. In de jaren erna vloog zijn besluit hem weleens aan. Hij was bang dat een leven lang in een klooster hem zou benauwen. 

Inmiddels hoeft de benedictijner monnik zich daarover niet druk meer te maken. Van de spirituele boeken die hij schreef, met titels als Innerlijke kracht en Spiritueel leiding geven, gingen in diverse talen honderdduizenden exemplaren over de toonbank. Afgelopen weekeinde was Grün in Ootmarsum, thuisbasis van de schilder Ton Schulten, met wie hij het boek Het geheim van de weg maakte. Nu is hij in Taiwan en geeft hij in twaalf dagen maar liefst 35 voordrachten. De monnik leidt als succesauteur allesbehalve een opgesloten leven.

Zijn teksten zijn soms zweverig, of aforistisch op het goedkope af, maar geregeld ook zeer raak. In elk geval weet de Duitse monnik snaren te raken, want terwijl kerken in West-Europa de laatste decennia leegliepen, trekt Grün al jaren volle zalen door zijn boeken. 

Voor Het geheim van de weg schreef Grün teksten bij schilderijen van Ton Schulten. Het is de tweede keer dat ze elkaar vonden voor een boek. De rust in de beelden van de Twentse schilder spreekt de monnik aan, zegt hij. ‘Ze zijn kleurrijk en stralen warmte en vertrouwen uit. Een innerlijk vuur. Schulten kijkt met een spirituele blik naar de natuur. Hij schildert niet de werkelijke natuur, maar de natuur onder een genadevolle glans. Zo kijk ik ook graag als ik mij in de natuur begeef.’

Uw teksten stralen levenslust uit. U schrijft dat de eerste monniken opgewektheid, ­hilaritas, als doel van het geestelijk leven beschouwden. Maar tegelijk werd lachen lange tijd als zondig gezien. Hoe zit dat?

‘Het klopt dat uitgelatenheid kritisch werd bezien, net als lachen om een ander. Maar het is nooit het streven van monniken geweest om zo somber mogelijk te zijn. Ik weet dat er christenen zijn die lijken te denken: hoe ernstiger hoe vromer. Dat is valse vroomheid. Optimisme, vreugde, lachen omdat je blij bent, dat hóórt bij het geloof.’ 

Veel mensen durven niet stil te blijven staan en stil te worden omdat ze bang zijn dat hun innerlijke chaos bovenkomt, schrijft u. Hebt u daar ervaring mee?

‘De eerste keer dat ik de tijd nam om stil te zijn, kwam ik mezelf tegen. Inmiddels heb ik geaccepteerd wie ik ben. Ik kan nu rustig naar mezelf kijken.’

Wat zag u dan die eerste keer?

‘Als jonge monnik was ik nogal fanatiek. Ik wilde veel doen en alles goed doen. Ik kon niet loslaten. Dat heb ik moeten leren.’

Als je uw teksten leest, lijkt het zo eenvoudig om opgewekt en dankbaar te zijn. Maar zo makkelijk is dat vaak niet. Hoe gaat u om met lijden en beproeving?

‘Groot lijden is mij tot nu toe bespaard. Ik ben ziek geweest; ik heb nierkanker gehad. Maar ik ben nu in goede gezondheid en ik kijk graag vooruit. Ik ontmoet wel veel mensen die lijden en daarover vragen hebben. Het greep me eerst te veel aan als ik mensen in nood probeerde bij te staan, maar inmiddels heb ik een manier gevonden om hiermee om te gaan. Het is mogelijk om zelfs in moeilijke tijden toch God te danken, geloof ik. Iemand zei eens tegen me: “Ik ben niet dankbaar omdat ik gelukkig ben, maar gelukkig omdat ik dankbaar ben.” Dat verduidelijkte veel voor mij.’

elektronicazaak

Anselm Grün – al heel lang gekenmerkt door pretogen en een baard waar Tolstoj u tegen zou zeggen – is in januari 1945 geboren in de omgeving van München. Hij komt naar eigen zeggen uit een ‘zeer gelovig’ gezin. Een broer en twee zussen van zijn vader gingen het klooster in. Van zijn vader – die op jonge leeftijd zonder geld vanuit Essen naar München trok om daar een elektronicazaak te beginnen – kreeg hij vertrouwen en moed mee, en oog voor de schoonheid van de natuur, zegt Grün. Van zijn moeder, een nuchtere vrouw van de boerderij, heeft hij zijn optimisme, en het besef dat problemen bij het leven horen. Als tiener wist hij al dat hij het klooster in wilde. De afwisseling tussen bidden en werken sprak hem aan. 

Hebt u weleens gedacht: ik wil geen monnik meer zijn?

‘In de jaren zeventig zijn er veel broeders uitgetreden. Dat waren vaak kinderen die van hun ouders het klooster in moesten. Later dachten ze: wil ik dit zelf wel? In die jaren heb ik ook weleens nagedacht over een “normaal” leven, en over trouwen en een gezin. Maar van binnen heb ik altijd het gevoel gehad dat dit het voor mij is.’

Hebt u twijfels over het bestaan van God gehad? U wijdt als monnik uw hele leven aan Hem. 

‘Natuurlijk, twijfel hoort bij geloven. Het zuivert je geloof. Ik heb me afgevraagd of wat ik geloof niet alleen maar inbeelding is. Daar kom ik niet uit. Maar het alternatief – een leven zonder God – druist in tegen alles waar ik waarde aan hecht. Dat is geen optie voor mij.’

Dan mengt de tolk zich ineens in het gesprek. Een vrouw verloor twee kinderen en daardoor ook haar geloof in God, legt ze Grün voor, met de vraag wat hij zou zeggen als die vrouw bij hem komt. ‘Het geloof is geen antwoord’, zegt hij, ‘maar kan wel helpen in onze omgang met het lijden. Eerst is er het trauma, maar uiteindelijk kan het geloof weer hoop geven. De kinderen van deze vrouw blijven als een innerlijke begeleider bij haar. Ze zijn in de hemel, en daarom is ook een deel van die vrouw nu bij God.’

U staat bekend om een eclectische aanpak. Naast het christendom put u voor uw boeken en cursussen ook veel uit de psychologie, en uit het boeddhisme bijvoorbeeld. Krijgt u van andere monniken weleens kritiek op uw benadering?

‘Nee, niet van binnen het klooster. De kritiek komt met name van conservatieve christenen.’

U benadrukt vaak dat je goed bent zoals je bent. Maar zijn we wel goed? Mensen doen elkaar en zichzelf pijn.

‘Het klopt dat niet alles goed is in de wereld en in ons mensen. Maar daar blijf ik niet bij hangen. Ik wil niet oordelen over mensen. Als mensen naar me toe komen met problemen, denk ik na over waaróm er dingen fout zijn gegaan, en ik hoop en bid dat het goed komt met ze. Ik richt me op de schoonheid van het geloof.’

Bent u niet bang dat mensen die uw boeken lezen God als een middel gebruiken om zich goed te voelen?

‘Ik zeg niet wat mensen precies moeten doen. Ik probeer aan het denken te zetten.’

Hebt u dingen geschreven waarvan u nu denkt: dat zag ik verkeerd?

‘Ik kan zo snel niet iets bedenken. Vroeger citeerde ik veel vaker andere mensen. Nu komt het meer uit mezelf. Maar de basis is hetzelfde gebleven.’

Merkt u jaloezie bij andere monniken vanwege uw succes?

Grün lacht. ‘Misschien is er jaloezie, maar ik heb het niet gemerkt. Ik denk dat ze vooral blij zijn dat er door mijn boeken geld binnenkomt. En verder … ik ben gewoon een van de broeders.’ ■

N.a.v. Het geheim van de weg

Anselm Grün en Ton Schulten. Uitg. Ten Have, Utrecht 2017. 111 blz. € 19,99


bron: Ned. Dagblad uitgave: 09 febr 2017
bericht nr. 18482 :  geplaatst op 10-02-2017 en 150 maal gelezen


Gerelateerde berichten


Opties
Deel dit bericht met uw vrienden op sociale media

    Facebook   Bericht afdrukken  Bericht afdrukken